28/04/2020

Studentenarbeid: waarmee moet u rekening houden?

Naar aanleiding van de coronacrisis heeft de regering aangekondigd dat de uren die als student worden gewerkt tussen 1 april en 30 juni 2020 niet worden meegeteld in het jaarlijkse contingent van 475 uur. Wat betekent dit? En wat zijn de voorwaarden voor studentenarbeid?

Hoog tijd om de basisprincipes van studentenarbeid even op een rijtje te zetten voor de aanvang van de zomer en de mogelijk drukkere periodes van werk bij een exit uit de lockdown. Daarnaast gaan we in deze nieuwsbrief in op twee recentere ontwikkelingen: de verplichting van de werkgever om te beschikken over een kopie van het inschrijvingsbewijs bij de onderwijsinstelling van de student en de uitbreiding van het aantal ‘RSZ-voordelige’ uren in het kader van de coronacrisis.

 

Wie komt er in aanmerking voor studentenarbeid?

Een student moet minstens 16 jaar oud zijn (15 jaar indien hij/zij de eerste twee jaar van het secundair onderwijs heeft gevolgd) en onderwijs met een voltijds leerplan volgen. Iemand die een avondcursus volgt komt dus niet in aanmerking voor studentenwerk.

Een student die zijn/haar studies beëindigt in juni en zijn/haar diploma behaalt, kan nog tot en met 30 september van dat jaar werken met een studentenovereenkomst.

De student mag maximum 12 ononderbroken maanden werken.

 

Lagere solidariteitsbijdrage voor studenten en contingent van 475 uur

Studentenarbeid is onder bepaalde voorwaarden vrijgesteld van gewone sociale zekerheidsbijdragen. Indien aan de volgende voorwaarden voldaan is, is de studentenarbeid louter aan een veel lagere solidariteitsbijdrage (5,42% voor de werkgever en 2,71% voor de student) onderworpen:

  • De student is tewerkgesteld in het kader van een voorafgaandelijk gesloten schriftelijke studentenovereenkomst die de wettelijk verplichte vermeldingen bevat. De studentenovereenkomst is steeds een overeenkomst van bepaalde duur (maximum 12 maanden).
  • De student werkt maximum 475 uur tijdens het kalenderjaar (het contingent van 475 uur). Indien de student méér werkt dan 475 uur, is vanaf het 476ste uur de solidariteitsbijdrage niet langer van toepassing, maar zullen gewone sociale zekerheidsbijdragen (zoals voor een gewone werknemer) verschuldigd zijn.
    De student kan zijn/haar aantal gewerkte uren opzoeken op Student@work. Daar kan de student een attest met het aantal beschikbare uren downloaden. Wij raden aan om dit vooraf bij de student op te vragen zodat u zeker weet hoe veel uur de student nog aan de voordelige solidariteitsbijdrage bij u kan werken.
  • De student mag alleen werken tijdens periodes waarin hij/zij niet verplicht aanwezig moet zijn in de onderwijsinstelling.
  • De werkgever heeft vóór aanvang van de studentenarbeid een bijzondere Dimona-aangifte voor studenten gedaan. Indien u wenst dat uw Payroll Business Partner deze aangifte doet, licht hem of haar dan minstens twee werkdagen voor de aanvang van de overeenkomst in.

 

Loon en arbeidsvoorwaarden

U moet minstens het minimumloon, zoals dat voor uw andere werknemers vastgesteld en van toepassing is in de sector (of op het niveau van de onderneming indien er gunstiger regels werden overeengekomen), betalen aan de student, tenzij de sector zelf in een uitzondering voorziet voor studenten. Dat laatste is bijvoorbeeld het geval in PC 200 (paritair comité voor bedienden), waar specifieke minimumlonen voor studenten bestaan.

Op de tewerkstelling van studenten zijn in algemene zin dezelfde arbeidsrechtelijke regels van toepassing als op de tewerkstelling van een gewone werknemer. Zo moeten studenten bijvoorbeeld ook een kopie van het arbeidsreglement ontvangen bij hun indiensttreding.

 

Inschrijvingsbewijs

Als werkgever moet u kunnen aantonen dat de tewerkgestelde persoon wel degelijk student is. De RSZ vereist dan ook dat u een inschrijvingsbewijs voor het lopende school- of academiejaar kan voorleggen op hun verzoek.

Om die reden raden wij dan ook ten sterkste aan om aan de student een kopie van zijn inschrijvingsbewijs te vragen vóór de start van zijn overeenkomst en dit te bewaren.

 

Uitbreiding contingent 475 uur in Q2 2020 naar aanleiding van de coronacrisis

Zoals hierboven aangegeven kan een student maximum 475 uur per kalenderjaar aan de lage solidariteitsbijdrage werken. Om het mogelijk te maken jobstudenten in te zetten om de door de coronacrisis verhoogde werkdruk in bepaalde sectoren te helpen verlichten, heeft de regering beslist om de uren die een student presteert tijdens het 2de kwartaal 2020 (van 1 april 2020 tot 30 juni 2020), niet mee te laten tellen voor het contingent van 475 uur per jaar.

In kalenderjaar 2020 zullen studenten die in Q2 werken hierdoor op jaarbasis meer dan 475 uur kunnen werken aan de lage solidariteitsbijdrage. Merk op dat de webapplicatie van Student@work nog niet werd aangepast.

Dit geldt voor alle studenten, ongeacht de sector waarin ze tewerkgesteld zijn. De overige bovenstaande principes blijven geldig (Dimona, schriftelijke studentenovereenkomst, etc).

 

Wat moet u doen als werkgever?

Vóór de indiensttreding van een student:

  • Opvragen inschrijvingsbewijs en attest Student@work
  • Studentenovereenkomst ondertekenen
  • Dimona-aangifte doen: informeer Pro-Pay!

Bij indiensttreding: de student een afschrift van het arbeidsreglement bezorgen en hem/haar vragen hem om een ontvangstbewijs te ondertekenen.





Op de hoogte blijven van al ons nieuws? Schrijf u in voor onze nieuwsbrief:

Voornaam (*) Naam (*) E-mail (*)